Recht Op Doel Af
Archief
 

(onder voorbehoud van goedkeuring door de Algemene Ledenvergadering najaar 2018)

Als bestuur hebben we ervoor gekozen om een gedragscode in te voeren voor de spelers, de trainers, commissieleden, de ouders, de supporters en de bestuursleden zelf.

Sporten doe je voor je plezier. Als club stellen wij ons tot doel om ons niet alleen te focussen op de sportieve ontwikkeling van spelers maar ook aandacht te besteden aan sportief en respectvol gedrag van onze spelers en vrijwilligers. Onze vereniging, WKV Roda wil een vereniging zijn waar iedereen zich thuis kan voelen, ongeacht de sportieve aanleg, culturele achtergrond, sekse of leeftijd. Doel van Roda is om alle leden binnen hun persoonlijke mogelijkheden zo goed mogelijk te laten korfballen op een passend niveau.

Deze gedragscode vormt de basis voor de goede afspraken die wij in onze club maken. Zo willen we er aan bijdragen dat elke speler de veiligheid vindt binnen de vereniging, die hij/zij nodig heeft om met plezier te kunnen sporten. Daar waar nodig zullen wij passende maatregelen nemen wanneer sprake is van ongewenst gedrag binnen de vereniging.

De gedragscode is bedoeld voor onze leden, trainers, vrijwilligers en andere belanghebbenden bij onze vereniging. Hierin is terug te vinden wat er van haar/hem verwacht wordt maar ook wat hij/zij van onze vereniging mag verwachten. Voor jeugdleden geldt bovendien dat het wenselijk is dat ook de ouders/verzorgers op de hoogte zijn van de gedragscode. De gedragscode is er voor iedereen en dient door iedereen bij Roda te worden uitgedragen en nageleefd. We moeten elkaar hierop kunnen en durven aanspreken. Goede omgangsvormen vormen het uitgangspunt van ons handelen.

Onze algemene uitgangspunten:

  1. We sporten met elkaar, sporten doe je samen; ook met de tegenstander.
  2. We gedragen ons sportief, ook als de tegenstander minder sportief is.
  3. We hebben respect voor de scheidsrechter, ook bij een (mogelijk) onterechte beslissing.
  4. Sport is voor iedereen; niet alleen voor uitblinkers.
  5. Bij een teamsport is de speler er voor het team en het team is er voor de speler.
  6. We dragen zorg voor het materiaal en de accommodatie
  1. Het geven van het goede voorbeeld door volwassenen is van groot belang, er zijn twee zaken die apart genoemd dienen te worden: alcohol en tabak. Men dient deze op de accommodatie met mate te gebruiken en niet op het veld of in de kleedkamers. In het bijzijn van de jeugd dient men zich bewust te zijn van het slechte voorbeeld dat men geeft aan de jeugdige spelers (zie ook huis- en gedragsregels mbt alcohol wat hangt bij de ingang van de kantine).
  2. Een vereniging draait op veel vrijwilligers. Dat betekent dat wij van onze leden en van ouders van (jeugd)leden een inspanning verwachten voor bepaalde taken die noodzakelijk zijn om een vereniging te laten functioneren.
  3. Wij verwachten van onze leden en van vrijwilligers die werkzaam zijn binnen de vereniging dat ze op de hoogte zijn van de belangrijkste regelgeving zoals: statuten, deze gedragscode, huishoudelijk reglement en voor spelende leden vanaf de A1 spelregelkennis.

Communicatie
Het op papier zetten van een gedragscode is niet voldoende. Praten over gedragsregels en (doen) handhaven is zeker zo belangrijk. Aan het begin van het lidmaatschap ontvangt het lid of de ouder/verzorger van het lid een digitaal exemplaar van deze gedragscode. De gedragscode staat  gepubliceerd op de website van WKVRoda onder de button Veilig sportklimaat.

Op en rond het sportcomplex (+ andere accommodaties)

Ons sportcomplex is van ons allemaal. Wees er zuinig op en zorg dat het netjes blijft.

Denk daarbij in ieder geval aan de volgende punten:

  1. Maken we rommel, dan ruimen we dat zelf op.
  2. Glaswerk is alleen toegestaan in de kantine, dus niet in de kleedkamers  en op het kunstgrasveld buiten.
  3. Speelvelden zijn geen oversteekplaats, maar zijn om op te korfballen, loop dus om het veld heen als je naar de andere kant moet.
  4. Houdt u aan de afrastering gepubliceerde regels voor het behoud van kunstgras.
  5. We voorkomen beschadiging van reclameborden en dug-outs.
  6. Blijf achter de eventueel van toepassing zijde afbakeningen tijdens een wedstrijd.
  7. Fietsen en brommers worden in de daarvoor bestemde rekken/stalling geplaatst.
  8. Parkeer geen auto voor het hek, welke toegang geeft tot het sportcomplex.
  9. De toegangen naar de velden in het belang van de veiligheid vrijhouden.

Gedragsregels voor spelers

De spelers zijn als leden van Roda de kern van de korfbalvereniging.

De speler

  1. Is sportief en vertoont teamgeest als onderdeel van een team en helpt zijn medespelers in het veld.
  2. Neemt in principe deel aan alle trainingen en wedstrijden, meldt zich tijdig af bij trainer of coach als respectievelijk niet aan de training of de wedstrijd kan worden deelgenomen. Bij de afmelding dient een gegronde reden opgegeven te worden. Komt een speler niet naar de training en/of wedstrijd zonder tijdig af te melden dan bepaalt een trainer/coach of de speler al of niet bij de volgende wedstrijd mag spelen.
  3. Is bij de training tijdig omgekleed aanwezig en helpt bij het neerzetten en opruimen van de materialen.
  4. Is (minimaal) een half uur van tevoren aanwezig bij thuiswedstrijden.
  5. Is bij uitwedstrijden aanwezig op het tijdstip van verzamelen zoals aangegeven door de trainer/coach.
  6. Draagt tijdens de wedstrijden het tenue van Roda
  7. Toont respect voor de tegenstander, de scheidsrechter, de trainer/coach en het publiek.
  8. Accepteert de beslissingen van de scheidsrechter.
  9. Is zuinig op alle materialen.
  10. Laat de kleedkamer schoon achter. Meldt aan de trainer/coach als iets kapot is gegaan.
  11. Laat geen waardevolle spullen achter in de kleedkamer, maar geeft deze in bewaring achter de bar of bij ouders. Het achterlaten van spullen in de kleedkamer gebeurt op eigen risico.
  12. Indien een speler tijdens de wedstrijd (ernstig) wangedrag vertoont dan zal de betrokken speler door de coach/trainer worden gewisseld. Indien er geen wissel beschikbaar is wordt de speler uit het veld gehaald zonder vervanging. Voorbeelden van (ernstig) wangedrag zijn fysiek geweld, het uiten van discriminerende of seksistische opmerkingen, belediging van de scheidsrechter in woord en/of gebaar en het (ernstig) blesseren van een tegenstander door onbesuisd gedrag. Na de wedstrijd zal vervolgens in overleg met de technische (jeugd)commissie (T(J)C) worden bepaald of aanvullende sancties moeten worden genomen. In uitzonderlijke gevallen kan extreem wangedrag tot roiement leiden.
  13. Draagt zowel in de zaal als op het veld schoeisel passend bij de ondergrond.
  14. Betreedt alleen de speelvloer in de sporthal als er getraind of gespeeld gaat worden

Gedragsregels voor de trainer/coach

  1. Heeft een voorbeeldfunctie voor het team.
  2. Toont respect voor spelers, ouders/verzorgers, scheidsrechters, en tegenstanders.
  3. Is (minimaal) een half uur van tevoren aanwezig bij thuiswedstrijden.
  4. Is bij uitwedstrijden aanwezig op het tijdstip van verzamelen zoals door zichzelf aangegeven.
  5. Ontvangt de (coach van de) tegenpartij en de scheidsrechter.
  6. Verzorgt de opstelling en coaching van het team tijdens de wedstrijden.
  7. Komt niet in de kleedkamers tenzij er sprake is van een gezamenlijke team- en wedstrijdbespreking .
  8. Is verantwoordelijk voor het wedstrijd- en trainingsmateriaal (kleding, ballen, pylonnen, etc.) die de vereniging ter beschikking stelt.
  9. Verzorgt (c.q. laat verzorgen) het invullen en verder afhandelen van het digitale wedstrijdformulier.
  10. Gebruikt geen alcohol en rookt niet tijdens het begeleiden van een team.
  11. Plaatst of laat voor aanvang van de wedstrijd de korfbalpalen op de juiste wijze plaatsen.
  12. Ruimt of laat de wedstrijdbenodigdheden opruimen als er geen wedstrijd meer wordt gespeeld.
  13. Neemt deel aan de trainersbijeenkomsten en eventuele andere overlegvormen die binnen de vereniging worden georganiseerd.
  14. Zorgt bij afgelasting of wijziging van een wedstrijd voor tijdige kennisgeving aan de spelers, de trainer/coach krijgt deze wijziging door van de wedstrijdsecretaris.
  15. Rapporteert ruzie, wangedrag of andere problemen aan de Technische (Jeugd)Commissie (T(J)C), nadat hij eerst zelf heeft gepoogd dit gedrag aan te pakken en de ouders hierover geïnformeerd heeft.

Gedragsregels voor de (jeugd)scheidsrechter

  1. Is beslist, objectief en beleefd bij het “fluiten”van een wedstrijd.
  2. ‘Speelt’ met de toepassing van de regels naar gelang het niveau van de spelers. Voelt de wedstrijd aan en geeft uitleg als de situatie daarom vraagt.
  3. Zorgt ervoor dat het plezier van de jeugd in het spel niet verloren gaat door te veel ingrijpen.
  4. Gedraagt zich zowel in als buiten het speelveld sportief.
  5. Geeft daar waar het verdiend is beide teams een compliment voor hun goede spel.
  6. Als er sprake is van overlast van het publiek bij jeugdwedstrijden dan dient de jeugdwedstrijdleider zich te wenden tot de coach(es) van het/de team(s) om het publiek tot rust te manen en zich sportief op te stellen.  (Opmerking Paul van den Bergh gediplomeerd bondsscheidsrechter en op de hoogte van de regelgeving van het KNKV)

Gedragsregels voor de ouders/verzorgers/toeschouwers

  1. Is een goede supporter en geeft het goede voorbeeld door respect te tonen voor iedereen (spelers, scheidsrechters, trainers, coaches, tegenstanders, toeschouwers, kaderleden) op en om het veld.
  2. Blijft tijdens de veldwedstrijd achter de afrastering en/of buiten de lijnen van het veld, komt bij zaalwedstrijden niet op de speelvloer.
  3. Houdt zich afzijdig ten opzichte van de begeleiding van het team door trainers en begeleiders en laat de coaching van het team over aan trainers en begeleiders.
  4. Moedigt spelers positief en plezierig aan, maar geeft geen technische en tactische aanwijzingen.
  5. Helpt bij het vervoer van het team naar een uitwedstrijd. (als apart punt opgevoerd).
  6. Zorgt ervoor dat zoon/dochter op tijd aanwezig is voor een training of een wedstrijd.
  7. Zorgt voor het op tijd afmelden van zoon/dochter voor een training of een wedstrijd, of laat het kind dit tijdig zelf doen.
  8. Ziet erop toe dat zoon/dochter respect toont voor de medespelers, trainers/coaches ,ouders/verzorgers, scheidsrechters en tegenstanders.
  9. Voldoet op tijd de contributie.
  10. Gaat zorgvuldig om met de accommodatie en de materialen.
  11. Is zich bewust van een mogelijke negatieve invloed van het eigen gedrag op de scheidsrechter en de spelers.
  12. Maakt melding bij trainer/coach indien er bij het kind sprake is van gedrags- c.q. medische problemen die van invloed zijn op het functioneren. Gaat in gesprek met trainer/coach over een gezamenlijke aanpak en eventuele ondersteuning die geboden kan worden door de ouder/verzorger.

Kritiek, op- en/of aanmerkingen op training, begeleiding of organisatie kan in eerste instantie altijd worden gemeld bij de desbetreffende coach en/of trainer. In tweede instantie bij de contactouder bij jeugdwedstrijden. In laatste instantie bij de Technische (Jeugd) Commissie.

Gedragsregels voor de vrijwilliger

Voor alle vrijwilligers, wel of niet bij korfbal betrokken, geldt dat zij een belangrijke rol spelen in het slagen van de gedragscode.

Ook van de vrijwilliger wordt het geven van een voorbeeld m.b.t. gedragsregels verwacht.

De vrijwilliger

  1. Is verantwoordelijk voor de goede uitvoering van afgesproken taken.
  2. Dient er op toe te zien dat de ruimtes die gebruikt worden tijdens de activiteiten netjes en schoon worden achtergelaten.
  3. Neemt bij constatering van wangedrag en overtredingen ten aanzien van de gedragscode contact op met de trainer/coach van het desbetreffende team of indien dit niet mogelijk is met een vertegenwoordiger van de vereniging of het bestuur.
  4. Fungeert als voorbeeld en gedraagt zich ten alle tijden sportief.
  5. Maakt geen opzettelijke verbale of non-verbale beledigingen naar anderen, kwetst niemand opzettelijk.
  6. Toont respect voor anderen en is zuinig op materialen.

Gedragsregels met betrekking tot seksuele intimidatie

De onderstaande gedragsregels gelden voor alle vrijwilligers, trainers/coaches hier genoemd begeleiders van Roda en worden onderschreven door de negentig landelijke sportorganisaties die aangesloten zijn bij NOC* NSF.

  1. De begeleider moet zorgen voor een omgeving en sfeer waarbinnen de sporter zich veilig voelt (te bewegen).
  2. De begeleider onthoudt zich ervan de sporter te bejegenen op een wijze die de sporter in zijn waardigheid aantast en verder in het privé leven van de sporter door te dringen dan nodig is voor het gezamenlijk gestelde doel.
  3. De begeleider onthoudt zich van elke vorm van (macht)misbruik of seksuele intimidatie tegenover de sporter.
  4. Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider en de jeugdige sporter tot 16 jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik.
  5. De begeleider mag de sporter niet op zodanige wijze aanraken dat de sporter en of de begeleider deze aanraking naar redelijke verwachting als seksueel of erotisch van aard zal ervaren, zoals doorgaans het geval zal zijn bij het doelbewust (doen) aanraken van geslachtsdelen, billen en borsten.
  6. De begeleider onthoudt zich van seksueel getinte verbale intimiteiten.
  7. De begeleider zal tijdens training(stages), wedstrijden en reizen gereserveerd en met respect omgaan met de sporter en de ruimten waarin de sporter zich bevindt, zoals de kleed- of hotelkamer.
  8. De begeleider heeft de plicht de sporter te beschermen tegen schade en (macht)misbruik als gevolg van seksuele intimidatie. Daar waar bekend of geregeld is wie de belangen van de (jeugdige) sporter behartigt, is de begeleider verplicht met deze personen of instanties samen te werken opdat zij hun werk goed kunnen uitoefenen.
  9. De begeleider zal de sporter geen (im)materiële vergoedingen geven met de kennelijke bedoeling tegenprestaties te vragen. Ook de begeleider aanvaardt geen financiële beloning of geschenken van de sporter die in onevenredige verhouding tot de gebruikelijke dan wel afgesproken honorering staan.
  10. De begeleider zal er actief op toezien dat deze regels worden nageleefd door iedereen die bij de sporter is betrokken. Indien hij gedrag signaleert dat niet in overeenstemming is met deze regels, zal hij de betreffende persoon daarop aanspreken.
  11. In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de verantwoordelijkheid van de begeleider in de geest hiervan te handelen.

Gedragingen die volgens de bovenstaande omschrijving vallen onder seksueel grensoverschrijdend gedrag met minderjarigen, kunnen worden gesanctioneerd door een tuchtrechtprocedure waarin hoor en wederhoor zal plaatsvinden. De sancties bestaan uit het voor korte of langere tijd uitsluiten van vrijwilligerswerk met minderjarigen door persoonsgegevens in een centraal register op te nemen. Seksueel grensoverschrijdende gedragingen met minderjarigen waarvan het bestuur oordeelt dat deze vallen onder het Wetboek van Strafrecht, zullen bij politie/justitie worden gemeld.

Sancties

Sancties kunnen worden opgelegd door het bestuur indien betrokken leden, trainers c.q. vrijwilligers niet voldoen aan de door de ledenvergadering goedgekeurde gedragscode. Afhankelijk van de ernst van de overtredingen worden passende maatregelen genomen. Sancties worden naar omstandigheden en leeftijd aangepast, er zal zoveel mogelijk gezocht worden naar passende sancties die overeenkomen met het geconstateerde gedrag. Voor het bepalen van de zwaarte van de straf voor bepaalde categorieën van overtredingen wordt aansluiting gezocht bij de door het KNKV gehanteerde tuchtregeling.

 Meldingen

Als er door een lid of betrokkenen van Roda ongewenst gedrag is gesignaleerd dan heeft het de voorkeur om dit eerst met de betreffende persoon of personen en (een afvaardiging van) het bestuur op te lossen. Mocht dit niet tot een bevredigende oplossing leiden of is de drempel te groot om het in deze sfeer op te lossen dan heeft men de mogelijkheid om een melding te doen bij de Vertrouwens contactpersoon (VCP).

Vertrouwenscontactpersoon (VCP)

De Vertrouwenscontactpersoon(VCP) is binnen Roda het eerste aanspreekpunt voor iedereen die een vraag heeft over of te maken heeft met grensoverschrijdend gedrag. De VCP biedt bij een melding een luisterend oor en informatie over de stappen die gezet kunnen worden. Hij of zij ondersteunt de hulpvrager bij gesprekken met derden. Bijvoorbeeld bij bemiddeling, het indienen van een klacht of het doen van aangifte. De VCP verwijst zo nodig door naar beschikbare hulpverlening. De VCP treedt zelf niet op als bemiddelaar. Dat is niet zijn of haar rol/taak. De VCP is op de hoogte van de mogelijkheden die er zijn om hulp te krijgen en schakelt indien nodig een externe vertrouwenspersoon in (via het KNKV ) op het moment dat er sprake is van een melding/klacht die vraagt om een interventie

Daarnaast heeft de VCP de taak om ervoor te zorgen dat iedereen op de hoogte is van de meldprocedure bij (vermoedens van) grensoverschrijdend gedrag. Ook kan hij of zij een (pro)actieve rol vervullen bij het realiseren van een veilig sportklimaat binnen de vereniging. Voorbeelden hiervan zijn: zelf op mensen afstappen die ongewenst gedrag vertoonden of het onderwerp bij het bestuur aankaarten en hen stimuleren erop te letten.

Op de vertrouwens(contact)persoon kan een beroep worden gedaan bij alle vermoedens van grensoverschrijdend gedrag, dus ook als het gaat om handelingen die wettelijk niet strafbaar zijn. De vertrouwens(contact)persoon heeft een geheimhoudingsplicht. Dat betekent dat alleen met uitdrukkelijke toestemming van de hulpvrager informatie aan anderen gegeven wordt. Er is één uitzondering: wanneer er sprake is van strafbare feiten heeft ook de vertrouwens(contact)persoon de wettelijke verplichting deze bij de politie te melden.

Intern is het streven een man en een vrouw als vertrouwenscontactpersonen beschikbaar te hebben. Extern zijn vertrouwens(contact)personen van het KNKV en/of NOC*NSF beschikbaar. De contactgegevens van de vertrouwens(contact)personen worden vermeld op de Roda website.

Randvoorwaarden VCP

DE VCP is:

  • geen bestuurslid.
  • heeft een duidelijk aanspreekpunt binnen het bestuur.
  • wordt op voordracht van het bestuur benoemd door de Algemene Ledenvergadering (ALV)
  • overlegt bij aanstelling een VOG niet ouder dan drie maanden en overlegt een actuele VOG indien hierom gevraagd wordt.
  • is niet inhoudelijk betrokken bij procedures en of sancties.
  • is verplicht tot geheimhouding van alle zaken die hij/zij in die hoedanigheid verneemt. Deze plicht vervalt niet nadat betrokkene zijn taak als VCP heeft beëindigd.

Aanstellen vrijwilligers en trainers/coaches.

Bij het aanstellen van vrijwilligers, waarbij nadrukkelijk ook bedoeld zijn trainers en coaches, die middels het uitoefenen van hun activiteiten in een machtspositie kunnen verkeren ten opzicht van minderjarigen, wordt het volgende proces gevolgd:

De commissie voor wie de nieuwe vrijwilliger gaat werken, zal een kennismakingsgesprek met de potentiële vrijwilliger houden.  De vrijwilliger wordt gewezen op de gedragscode. Indien van toepassing zal in het gesprek gevraagd worden naar de motivatie van de vrijwilliger om met kinderen te willen werken, naar zijn werkervaring en referenties bij vorige organisaties.

Om uniformiteit en continuïteit te waarborgen stuurt de secretaris van het bestuur de nieuwe commissieleden een mail met een link naar de Gedragscode zodra de commissieleden zijn benoemd door de ALV.

Een vergelijkbare aanpak wordt gevolgd voor de trainers/coaches. De T(J)C heeft een gesprek met de nieuwe trainers/coaches en wijst op de gedragscode. Vervolgens krijgen ze van de wedstrijdsecretarissen een mail met een link naar de Gedragscode.

Verklaring Omtrent Gedrag (VOG)

Van alle vrijwilligers die binnen de vereniging werken met minderjarigen zal een verklaring omtrent gedrag worden verlangd. Een VOG is een verklaring, waarbij het Ministerie van Justitie controleert of de aanvrager strafbare feiten heeft gepleegd, die een risico vormen voor de functie(het vrijwilligerswerk), waarvoor de verklaring wordt aangevraagd. Zo zal iemand, die ooit veroordeeld is

voor ontucht met minderjarigen, geen VOG krijgen voor trainer/begeleider van een jeugdteam. Een VOG is een goede mogelijkheid om meer zekerheid te verkrijgen over het verleden van een nieuwe trainer, leider of verzorger. Een VOG moet samen met de kandidaat aangevraagd worden via de website van het Ministerie van Justitie en is gratis voor vrijwilligers, die werken met jeugd.

Eenmaal per jaar in de maand september wordt een inventarisatie gedaan van alle vrijwilligers waarvan Roda volgens deze gedragscode een VOG tot haar beschikking zou moeten hebben. Alle ontbrekende VOG en alle aanwezige VOG met een afgifte datum van meer dan drie jaar in het verleden, worden aangevraagd, respectievelijk opnieuw aangevraagd. De VOG is een momentopname. Aan de VOG is geen geldigheidsduur verbonden. Het NOC*NSF en de KNKV stellen dat een VOG in principe elke 3-5 jaar herijkt moet worden.

Het bestuur is eigenaar van de VOG, coördineert de aanvragen en beheert de mutaties. De ledenadministratie archiveert beschikbare VOG in Sportlink en bewaakt “verloopdatum”van de VOG.

Deze gedragscode is  ….  vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering van WKV Roda d.d……

Koop bij bol.com
  • logo_Eggink_schilders_150
  • Fietspoint
  • MusicJourney_150
  • logo-sab-2017-150px
  • korfbalkids
  • Plooijer
  • obm verzekeringen
  • jb van het kaar
  • Woudt Fietsen
  • Volkers
  • Benecke
  • Rabobank
  • oudenaren
  • Binderij Zaandam BV
  • havik
  • HH Kappers
  • Benecke
  • Rabobank
  • Hauzendorfer
  • Babino
  • Canton
  • Albers
  • Auto Prins
  • van de Stadt mode schoenen
  • Benecke
  • Rabobank
SponsorKliks